Meer biodiversiteit in strijd tegen processierups

Vorige zomer zorgde de eikenprocessierups voor veel jeuk en ergernis. Om beter voorbereid te zijn op een mogelijke nieuwe plaag, neemt het gemeentebestuur nu al de nodige maatregelen. En daar kan jij als Mallenaar bij helpen.

De processierups is hinderlijk. Ze heeft microscopisch kleine brandharen die voor irritatie zorgen aan ledematen, ogen en luchtwegen. De klachten kunnen een tot twee weken aanhouden. Ze verdwijnen meestal vanzelf, maar veroorzaken soms ook ernstige klachten. Het is moeilijk in te schatten of we net als vorig jaar opnieuw een grote processierupsenplaag mogen verwachten, maar we bereiden ons er maar beter op voor.

Het gemeentebestuur heeft een gespecialiseerde firma aangesteld die in de zomer in staat moet zijn om binnen de drie dagen na melding nesten weg te branden of op te zuigen. Woonzones, drukkere straten, fietspaden, speelpleinen en schoolomgevingen krijgen voorrang. De Vlaamse overheid bestrijdt de nesten langs gewestwegen. Voor nesten op jouw privaat eigendom moet je zelf een bestrijdingsfirma contacteren.

Waarom?
Toen de plaag vorig jaar uitbarstte, was het heel moeilijk om nog een aannemer te vinden om ze te bestrijden. Daarom stelde het gemeentebestuur nu al een gespecialiseerde firma aan. Maar ook preventief kunnen we een en ander doen. Niet zozeer met chemische bestrijdingsmiddelen, want die zijn niet altijd succesvol en kunnen op hun beurt weer schadelijk zijn voor andere soorten. Meer biodiversiteit is dan weer wel een goede keuze.

Hoe?
Hoe meer biodiversiteit, hoe kleiner de kans dat de rupsen zich verspreiden. Op lange termijn moeten we meer variatie brengen in ons bomenbestand. Eiken moeten afgewisseld worden met andere boomsoorten. Op korte termijn moeten we vooral de natuurlijke vijanden van de processierups helpen: mezen en vleermuizen. Dat doen we door meer vogelnestkastjes te plaatsen langs onze straten, in parkjes én zeker ook in onze tuinen. Doe jij mee?

Gepubliceerd op maandag 4 mei 2020 10.51 u.